Al 40 jaar aan de slag in Destelheide

Eén iemand kon absoluut niet ontbreken in dit jubileuminfoblad, al is ze zelf te bescheiden om deze mening te delen. Rita Defrère is er vanaf het prille begin van Destelheide bij. In oktober 1971 startte ze haar loopbaan in een toen nog meubelloos gebouw. Veertig jaar later staat ze in voor het Directiesecretariaat boekhouding en personeel.

DH: Wat herinner je je nog van je allereerste werkdag in Destelheide?

Rita Defrère: “14 oktober 1971 was een mistige dag. Tussen de mistslierten door kon je slechts delen van de gebouwen zien staan, Destelheide was toen nog niet geopend. De officiële inhuldiging was pas twee weken later, op 27 oktober. Ik had nog geen bureauruimte. De gebouwen zaten nog in de afwerkingsfase en de meubels waren nog niet geleverd. Ik werkte in afwachting in het gebouw ‘de Slekke’, dat toen nog twee directiewoningen waren.“

DH: Welke belangrijke evoluties zie je als je op het 40-jarig bestaan van Destelheide terugblikt?

Rita: “Het aanbod naar de klanten toe heeft in de loop der jaren een transformatie gekend: van het aanbieden van lokalen en slaapvertrekken naar een meer betrokken service voor de groepen die hier te gast zijn. Zeker met de komst van de educatieve dienst Dharts is de dienstverlening veel meer geworden dan alleen maar het aanbieden van accommodatie. Zo zijn er bijvoorbeeld de wisselende tentoonstellingen, het initiatief ‘Donderdag Veggiedag’, de try-outs van de artiesten in huis…"

"Klantvriendelijkheid is iets waar we veel aandacht aan besteden. In het beleid van Destelheide heb ik vooral een grote verandering ervaren toen het beheer van het vormingscentrum in 1994 overgenomen werd door vzw ADJ. De beleidsvoering werd transparanter en de betrokkenheid van het personeel ging er op vooruit met de stafvergaderingen waar feedback en terugkoppeling mogelijk was. Hierdoor kregen we als medewerker het gevoel meer gewaardeerd te worden.”

DH: Is het doelpubliek van Destelheide veel veranderd? Zie je verschillen in de jeugd en begeleiders van vroeger en nu?

Rita: “Een moeilijke vraag… Omdat je zelf ook meegroeit met de tijdsgeest, zijn de evoluties natuurlijk minder duidelijk. Bovendien heb ik nu minder contact met de verblijvende groepen dan vroeger. Vooral het secretariaat en de educatieve dienst zijn betrokken bij de jongeren en begeleiders. Ik werk meer achter de schermen. Als ik erover nadenk, merk ik wel dat het doelpubliek veel mondiger is geworden. Dat uit zich bijvoorbeeld in de grotere eisen naar service en catering toe. Toch is het ook niet helemaal juist om te zeggen dat er vroeger meer discipline was en tegenwoordig meer losbandigheid. Ik herinner me nog de zomers van de Daceb -cursussen, die ook getypeerd werden door een grote openheid.”

DH: Zijn er ook dingen al die jaren hetzelfde zijn gebleven?

Rita: “Een constante in de 40 jaar Destelheide is het tijdloze van het Destelheidecomplex. De typische strakke lijnen en sobere vormen zorgen ervoor dat het tot op heden nog altijd een frisse moderne look heeft. De inbedding van het gebouw in de omgeving is natuurlijk wel aan veranderingen onderhevig geweest. Zo heeft het enkele jaren geduurd vooraleer Destelheide in het groen kwam te liggen zoals we het nu kennen. Door de aanplanting van bomen en de struiken kregen de gebouwen een heel andere sfeer.”

DH: Waarin kan Destelheide volgens jou nog groeien?

Rita: “Groeien houdt volgens mij renovatie en innovatie in. Dit zie ik te realiseren door onder andere het comfort in de slaapvertrekken te verbeteren. Door de jaren heel zijn er al enkele aanpassingen gebeurd. Er werd een nieuwe vloer gelegd. De kamers werden voorzien van stapelbedden waardoor de capaciteit van de slaapblokken verdubbeld werd. Het gebouw ‘de Slekke’ werd omgebouwd tot vergader- en slaapvertrekken. Verder denk ik nog aan een mogelijke verbreding van het Destelheidepubliek. Er zijn enkele periodes dat Destelheide nog geen volledige bezetting heeft. Naast de creastages van hogescholen en cursussen van jeugdwerkorganisaties, zie ik een mogelijke piste om het doelpubliek uit te breiden naar volwassenen. Destelheide zou bijvoorbeeld nog meer een locatie voor congressen of studiedagen kunnen zijn.“

DH: Veertig jaar in hetzelfde bedrijf werken is als trouwen met je allereerste lief. Heb je je nooit afgevraagd of het gras niet groener is aan de andere kant?

Rita: “Ik ben iemand die niet gauw een stap in het onbekende zal zetten. Ik ben meer voor de berekende risico’s. Ik heb een vijftiental jaar geleden een mooi aanbod gekregen om voor de Vlaamse ombudsdienst te gaan werken, maar het is natuurlijk nog de vraag of het gras in Brussel groener zou zijn dan hier in Dworp. In Destelheide heb ik me altijd goed gevoeld, dus heb ik nooit de nood ervaren om andere, zogezegd groenere gazonnetjes te gaan opzoeken. De opeenvolgende uitdagingen en een goed contact met mijn collega’s hebben me hier altijd kunnen bekoren.”

DH: Zou je andere keuzes gemaakt hebben mocht je alles kunnen overdoen?

Rita: “In Destelheide komen we in contact met heel veel kunstzinnigheid. Soms vraag ik me af hoe het zou zijn om een job uit te oefenen met een meer creatieve inslag. Al die jaren deed ik administratief werk, dat ik trouwens heel graag doe. Nadenken over ‘wat als’ doet daar geen afbreuk aan.

DH: Creatief boekhouden, wat denk je daarvan?

Rita: “(lacht) Nee, daar doen we niet aan mee. Mijn creatieve honger kan ik wel stillen in mijn vrije tijd als voorzitster van de KVLV. “

DH: Hoe heeft Destelheide je gemaakt tot wie je nu bent?

Rita: “Al van in het begin heb ik veel zaken zelf moeten aanpakken. Door zelfstandig problemen op te lossen, verwierf ik kennis over bijvoorbeeld boekhouden op een autodidactische manier. Mijn werk in Destelheide heeft me zelfstandigheid en doorzettingsvermogen bijgebracht. Natuurlijk wist ik ook wie ik kon aanspreken in geval van nood. In 1971 ben ik begonnen als klerk-typiste. Via het systeem van bevorderingsexamens heb ik me kunnen opwerken tot waar ik nu sta. Ik ben ook een stuk assertiever geworden. Of toch zeker assertief genoeg om te poneren dat het niet nodig was dat ik een assertiviteitscursus zou volgen. (lacht) “

DH: Welke mensen zijn voor jou onlosmakelijk verbonden met Destelheide en hebben een indruk bij je nagelaten?

Rita: “Ik heb het geluk dat ik met alle collega’s een fijne samenwerking heb. Nog nooit heb ik met iemand woorden gehad. Ik heb mooie herinneringen aan de beginperiode van Destelheide. De kleine groep collega’s die Destelheide hielp opbouwen, voelde aan als een hechte familie. Onder hen Guy Isenbaert, die bij Destelheide begon als technicus en tot 2009 huisbewaarder was op het domein. Als hij nog had geleefd, hadden we samen als collega’s van het eerste uur dit interview kunnen doen.”